Uitrol laadinfrastructuur vraagt slimme keuzes en samenwerking binnen nieuw ACM-prioriteringskader

11-02-2026 366 keer bekeken

De energietransitie is in volle gang. Op veel plekken in Nederland raakt het elektriciteitsnet op locaties vol, met name tijdens piekmomenten. Dit noemen we netcongestie. Netcongestie raakt niet allleen bedrijven, maar ook huishoudens.

Ook kan de beschikbare netcapaciteit van invloed zijn op de uitbreiding en elektrificatie van wagenparken en op nieuwe laadlocaties op bedrijventerreinen, bijvoorbeeld voor logistiek, deelmobiliteit of werknemers.

Dat betekent dat in gebieden met netcongestie niet alle nieuwe aansluitingen op het elektriciteitsnet direct kunnen worden gerealiseerd en op een wachtlijst komen. Terwijl steeds meer mensen en bedrijven overstappen op elektrisch vervoer.

Vernieuwd prioriteitskader

De Autoriteit Consument & Markt (ACM) stelde nieuwe regels op in een vernieuwd prioriteringskader. Dat kader ging in op 1 januari 2026 . In het kader wordt (juridisch) uitgelegd waarom bepaalde maatschappelijke partijen voorrang krijgen. Zo wordt bepaald hoe aanvragen voor netaansluitingen door netbeheerders worden behandeld in gebieden waar weinig ruimte op het net is. Daarbij wordt dus niet langer alleen gekeken naar volgorde van aanvraag, maar naar vastgestelde maatschappelijke criteria.  Op deze manier zorgt het nieuwe kader ervoor dat in situaties van schaarste gerichter wordt gekeken welke projecten prioriteit krijgen. Dit heeft ook gevolgen voor de uitrol van publieke laadinfrastructuur. Deze heeft geen prioriteit gekregen van de ACM. 

Wat verandert er?

Tot 1 juli 2026 blijft de werkwijze voor het aanvragen van kleinverbruikaansluitingen ongewijzigd. Vanaf 1 juli 2026 kunnen in gebieden met netcongestie nieuwe aansluitingen voor publieke laadvoorzieningen niet altijd direct worden gerealiseerd. Dit betekent dat sommige projecten meer tijd, maatwerk en afstemming vragen dan voorheen.

Nieuwe spelregels bij schaarste

In gebieden waar het elektriciteitsnet vol is, gelden nieuwe spelregels voor het toewijzen van netcapaciteit. Daarbij wordt gekeken welke functies in tijden van schaarste voorrang krijgen. Publieke laadvoorzieningen vallen niet onder deze prioritaire functies. We werken in samenspraak met netbeheerders, laadpaalexploitanten en NAL-regio’s aan oplossingsrichtingen die invulling geven aan het ACM codebesluit dat stelt dat nieuwe laadpalen aangesloten kunnen worden zo lang er ruimte op het net is in de dalmomenten. 

Samen verantwoordelijkheid nemen

Voorzitter van de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL), Marieke Donkervoort licht toe: “De energietransitie vraagt soms moeilijke keuzes. Het elektriciteitsnet kent duidelijke grenzen, maar de overstap naar elektrisch vervoer gaat door. Als NAL nemen wij onze verantwoordelijkheid om samen met netbeheerders, overheden en laadpaalexploitanten te zorgen dat de uitrol van publieke laadinfrastructuur mogelijk en voorspelbaar blijft. Ook in deze nieuwe fase.”

Ketensamenwerking

Binnen de NAL is de afgelopen periode een hechte ketensamenwerking ontstaan tussen netbeheerders, overheden en marktpartijen. Hiermee worden knelpunten én kansen sneller zichtbaar. Partijen wisselen kennis uit en werken samen hard aan oplossingen. De focus ligt daarbij onder andere op slimmer gebruik van het elektriciteitsnet, zodat laadinfrastructuur ook bij schaarste kan blijven functioneren binnen de beschikbare capaciteit.
Marieke Donkervoort: “De groei van elektrisch vervoer en laadinfrastructuur zet door. Dat vraagt om slimme keuzes en samenhang. Juist nu zien we dat partijen in de hele keten met elkaar verbinden. Door deze betere samenwerking kunnen we effectiever schakelen en gerichter oplossingen ontwikkelen.”

Vragen en ondersteuning

Gemeenten en bedrijven kunnen met vragen over hun regionale situatie terecht bij hun NAL-regio en de regionale netbeheerder. Ook op de NAL-website delen we de actuele ontwikkelingen.

 

Cookie-instellingen