Achter de stekker: een interviewreeks waarin we de mensen achter de NAL een gezicht geven.

02-04-2026 147 keer bekeken

Roland Ferwerda is directeur van het Nationaal Kennisplatform Laadinfrastructuur (NKL) en sinds het begin betrokken bij de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL). Hij was een van de hoofdschrijvers van het oprichtingsdocument in 2019 en zit namens NKL in de NAL-stuurgroep.

Daarnaast organiseert hij met het NKL-team het kennismanagement voor het NAL-programmateam en de werkgroepen. “We zagen dat we in Nederland te veel in silo’s werkten. Wat nodig was, is een overkoepelend verhaal en een gezamenlijke aanpak.”

“Elke investering in samenwerking betaalt zich driedubbel terug.”  

 

De kracht van verbinden

Wat Roland aantrok in de NAL, is precies dat verbindende karakter. “De kracht van Nederland zit in samenwerking. Publiek en privaat, overheden en bedrijven: iedereen heeft een rol.” Vanuit NKL werkt hij dagelijks aan het samenbrengen van verschillende belangen. “We zijn een onafhankelijke stichting. Niet van één partij, maar van iedereen. Juist daardoor kunnen we die belangen verbinden tot één verhaal.”

Die rol geeft hem energie. “Elke dag bezig zijn met verbinden, zorgen dat de juiste kennis op tafel komt en samen tot oplossingen komen, dat is waar het voor mij om draait.” Volgens Roland is die positie uniek, ook internationaal. “Er is veel interesse in hoe we dat in Nederland hebben georganiseerd.”

Van losse problemen naar een stevig fundament

Terugkijkend is Roland vooral trots op wat er de afgelopen tien jaar is opgebouwd. “In de beginjaren kwamen er veel problemen op tafel waar niemand eigenaar van was. Wat mag een laadpaal kosten? Wat moet een laadpaal kunnen? Hoeveel ruimte mag hij innemen? We zijn toen begonnen met benchmarks en met het standaardiseren van alle verschillende specificaties. Dat leek toen misschien klein, maar tien jaar later is het een belangrijk fundament geworden voor de standaard aanpak van Nederland.”

Een ander moment dat er voor Roland uit springt, is het werk aan protocollen en standaarden. “Roaming, waarmee je met elk pasje bij iedere laadpaal terechtkunt, is tegenwoordig standaard. In 2015 benaderde een groep bedrijven ons met het verzoek om een door hen ontwikkelde open roaming-standaard onafhankelijk te beheren en verder te ontwikkelen.” Dat groeide uit tot een Europese samenwerking en uiteindelijk tot een wereldwijd protocol. “Dat doe je niet alleen. Samenwerking is hierin echt het sleutelwoord.”

Afstemming als grootste uitdaging

De grootste uitdaging voor de NAL ziet Roland nu in de verdere afstemming met elkaar, om tot één verhaal naar buiten te komen. “Wanneer spreek je als gemeente, wanneer als provincie, en wanneer namens de NAL of NKL? Wat zijn we nou samen en hoe doen we dat?” Volgens hem vraagt dat om een expliciet gesprek over rollen, afzenderschap en gezamenlijke strategie. “We zijn een klein land. Juist dan is het belangrijk dat we één verhaal vertellen en zo veel mogelijk één aanpak kiezen: we gaan naar steeds meer laadpunten, dus die samenwerking moet perfect lopen.”

Die zoektocht is nog gaande. “Gemeenten hebben hun eigen beleidsmandaat en verschillen nog veel in volwassenheid, terwijl bedrijven en burgers behoefte hebben aan voorspelbaarheid en eenduidigheid. Daar zit spanning.” De sterke rol van de NAL-regio's en de gezamenlijke NAL-strategie is volgens Roland een belangrijke stap voorwaarts, maar hij ziet ook dat het tijd kost. “We zijn zoekende naar hoe we dat ene verhaal ook echt vertalen naar één aanpak.”

2030: rust, voorspelbaarheid en vertrouwen

Als Roland vooruitkijkt naar 2030, is zijn wens helder: “Dat we alle neuzen dezelfde kant op hebben.” Niet door alles gelijk te maken, maar door te standaardiseren waar dat logisch is. Voor gebruikers betekent dat vooral gemak. “Dat je overal kunt laden, zonder dat je je afvraagt of het lukt en wat het kost. Laden wordt een commodity: het is er gewoon.” 

Voor overheden hoopt hij op landelijke eenduidigheid en voorspelbaarheid. “Rust in waar je laadt, hoe je laadt en wat je kunt verwachten.” En voor bedrijven verschuift de focus van hardware naar slimme diensten. “Niet de vraag of er genoeg laadpalen staan, maar hoe we het slim organiseren.”

Als nationaal kennisplatform ziet Roland dat de platform-rol steeds belangrijker wordt: het verbinden van alle betrokken NAL-partijen, het borgen van hun kennis en inzichten, en het uitdragen daarvan naar een breder publiek. “We stappen nu in een volgende fase van volwassenheid,” legt hij uit, “waarin we minder experimenteren en ons meer richten op best practices en een professionele dienstverlening die past bij een volwassen markt.”

Regie, samenwerking en kennis

Om die ambities te halen, is landelijke regie nodig, vindt Roland. “Dit is geen probleem dat je straat voor straat oplost. Het vraagt een regionale en landelijke aanpak.” Minder diversiteit waar dat kan, en meer commitment om samen te werken. “Er zijn verschillende belangen, van burgers, netbeheerders en exploitanten. Die moet je erkennen en vertalen naar beleid.”

Wat hem hoopvol stemt, is dat die samenwerking al gebeurt. “We zijn met de NAL nu vijf jaar onderweg en ik zie de richting ontstaan. We doen het samen.”

Op de doorgeefvraag van Suzan Reitsma, waar nog te weinig aan wordt gewerkt, is Roland duidelijk: kennisborging. “De ontwikkelingen gaan zo snel dat kennis vaak in mensen zit. Die kennis moeten we beter vastleggen, zodat we erop kunnen voortbouwen en niet steeds opnieuw het wiel uitvinden.”

Samenwerken loont

Als hij één boodschap mag meegeven aan iedereen die aan laadinfrastructuur werkt, dan is het deze: “Investeren in samenwerking betaalt zichzelf driedubbel terug: je leert sneller, werkt slimmer met betere kwaliteit en meer standaardisatie, en bent efficiënter dankzij minder dubbel werk en minder fouten.” Volgens Roland is dat precies wat de afgelopen jaren hebben laten zien. “Niet omdat één partij alles weet, maar omdat je samen verder komt.”

Roland sluit af met zijn doorgeefvraag aan de volgende gast in Achter de stekker:

“Elektrisch vervoer en laadinfrastructuur is een jong, snelgroeiend domein waarin kennis vooral in mensen zit. Hoe zorgen we dat we die kennis én de mensen zo veel mogelijk behouden?”

Op naar de volgende schakel in de reeks.  
 

Cookie-instellingen